Penseelopties kiezen
Met de penseelopties kunt u honderden verschillende penseelstreken maken. U kunt experimenteren met de opties tot u het gewenste effect krijgt.
U kunt de basispenseelinstellingen verder aanpassen door extra opties in te stellen op het palet Penseelvariatie. Zie Penseelinstellingen aanpassen voor meer informatie over het gebruik van het palet Penseelvariatie.
De volgende opties voor verfgereedschappen zijn beschikbaar in het palet Gereedschapsopties:
Vorm — bepaalt de vorm van de penseelpunt. Als u een rechthoekige, ovale of scheve penseelpunt wilt maken, begint u met de ronde of vierkante vorm en wijzigt u deze met behulp van de opties Dikte en Rotatie.
Laatst gebruikt — wanneer u overschakelt tussen penseelpunten kunt u met Laatst gebruikt de laatste instellingen behouden die u voor een penseel hebt gebruikt, zodat u niet per se de instellingen hoeft toe te passen die bij de penseelpunt zijn opgeslagen (zoals Grootte en Stap).
Grootte — hiermee bepaalt u penseelgrootte in pixels. U kunt de grootte wijzigen met het toetsenbord en door het besturingselement Grootte in te stellen in het palet Gereedschapsopties. Zie De penseelgrootte aanpassen via het toetsenbord voor meer informatie.
Hardheid hiermee bepaalt u de scherpte van de penseelranden. Als u deze waarde instelt op 100, is de rand het scherpst. Bij lagere waarden worden de randen steeds zachter en meer vervagend.
Stap hiermee bepaalt u het tijdsinterval dat verstrijkt tussen het aanbrengen van verf, waarbij elke aanbrenging is gedefinieerd als een enkele, ononderbroken penseelstreek. Hoe kleiner de stapwaarde, hoe vloeiender, minder onderbroken het resultaat. Hoe hoger de stapwaarde, hoe minder samenhangend het resultaat.
Dichtheid — hiermee bepaalt u de gelijkmatigheid van de dekking van de penseelstreek (of bij het gereedschap Wisser de gelijkmatigheid van het wissen). Bij hogere waarden is de dekking gelijkmatiger. Bij lagere waarden is de dekking vlekkerig en lijkt het alsof het oppervlak met een spuitbus is geverfd. Wanneer u het gereedschap Airbrush gebruikt, kunt u de dichtheid het best instellen op een waarde van minder dan 100.
Dikte hiermee bepaalt u de breedte van de penseelstreek. Als u de dikte instelt op 100, is de penseeltip volledig rond of vierkant, afhankelijk van de instelling van Vorm. Als u een lagere waarde voor de dikte instelt, wordt het penseel dunner.
Rotatie — hiermee roteert u een niet-ronde penseelpunt
Dekking — bepaalt hoe goed de verf het oppervlak van de afbeelding dekt. Bij een dekking van 100% dekt de penseelstreek het oppervlak volledig. Bij 1% dekking is de penseelstreek bijna helemaal transparant. Voor het gereedschap Wisser bepaalt u met deze instelling de mate waarin wordt gewist. Als hier dus 100 % wordt ingesteld, wordt het meest transparante resultaat verkregen.
Mengmodus — bepaalt hoe geverfde pixels worden gemengd met pixels van onderliggende lagen. De mengmodi zijn hetzelfde als de mengmodi van lagen. Met de mengmodus Achter verven wordt er bijvoorbeeld achter de afbeelding op de huidige laag geverfd. Er is geen verf zichtbaar als de bovenste laag en de actieve laag beide volledig dekkend zijn. Zie Lagen mengen voor meer informatie over het gebruik van mengmodi.
Snelheid — bepaalt de snelheid waarmee de airbrush verf spuit (van 0 tot 50). Bij een waarde van 0 wordt een consistente hoeveelheid verf gespoten, zelfs wanneer de snelheid van de penseelstreek varieert. Bij hogere waarden wordt meer verf gespoten als de snelheid van het penseel afneemt of als u het penseel pauzeert.
Streek — hiermee kunt u verf opbouwen op bestaande verfstreken die zijn aangebracht terwijl het selectievakje Ononderbroken is ingeschakeld. Als het selectievakje Ononderbroken niet is ingeschakeld, of als het wel is ingeschakeld maar er geen streken zijn gezet, is de knop Streek niet beschikbaar (grijs).
Ononderbroken — hiermee bepaalt u of verf wordt opgebouwd wanneer er meerdere penseelstreken op hetzelfde gebied worden aangebracht terwijl de dekking is ingesteld op een waarde van minder dan 100%. Als dit selectievakje is ingeschakeld, heeft verf een ononderbroken kleur en heeft het opnieuw verven van een gebied geen effect. Om een gebied opnieuw te verven, klikt u op de knop Streek. Is dit selectievakje niet gemarkeerd (standaard), dan wordt met elke penseelstreek over hetzelfde gebied meer verf toegevoegd. De kleur wordt steeds donkerder totdat 100% dekking is bereikt.
Natte verf — bootst natte verf na met zachte kleuren van binnen en een donkerdere ring bij de rand. Het effect is beter zichtbaar bij lage waarden voor Hardheid.
Intelligente randselectie — hiermee gebruikt u een contextgevoelige technologie die een sample neemt van het penseelstreekgebied en alleen een penseelstreek toepast op gebieden die overeenkomen met de onderliggende pixels. Hierdoor wordt het eenvoudiger om penseelstreken toe te passen op of rond bepaalde elementen in uw afbeelding. U kunt Intelligente randselectie bijvoorbeeld gebruiken in combinatie met retoucheerpenselen, zoals het penseel Tegenhouden, Doordrukken of Verscherpen, zodat u bepaalde gebieden van het gezicht, de lippen of ogen kunt bewerken. Opmerking: als u Intelligente randselectie inschakelt, kan dit van invloed zijn op de penseelsnelheid.