Het effect Verplaatsingstoewijzing gebruiken
U kunt één afbeelding verwringen of verplaatsen (de verplaatsingstoewijzing) op basis van de inhoud van een andere afbeelding (de bronafbeelding). U kunt bijvoorbeeld tekst toepassen op een afbeelding waarop iets met een ongelijk oppervlak staat, zodat het lijkt alsof de tekst er altijd al op heeft gestaan.
* Een verplaatsingstoewijzing toepassen
tabblad Bewerken 
1 Open de afbeeldingen die u als verplaatsingstoewijzing wilt gebruiken en de bronafbeelding.
2 Maak van de bronafbeelding de actieve afbeelding.
3 Kies Effecten Vervormingseffecten Verplaatsingstoewijzing.
4 In het groepsvak Verplaatsingstoewijzing van het dialoogvenster klikt u op de vervolgkeuzelijst met afbeeldingen en kiest u de afbeelding die u als verplaatsingstoewijzing wilt gebruiken.
Omdat de verplaatsingstoewijzing waarschijnlijk andere afmetingen heeft dan de bronafbeelding kiest u de optie Toewijzing passend maken of Toewijzing naast elkaar.
5 Typ of stel een waarde in voor Vervagen om de hoeveelheid vervaging te bepalen die u wilt toepassen op de verplaatsingstoewijzing.
Hoe lager de waarde, hoe groter de jitter-achtige pointilleringseffecten. Hoe hoger de waarde, hoe vloeiender de verwringingseffecten.
6 Kies een van de volgende opties in het groepsvak Eigenschappen van verplaatsing:
2D-verschuivingen — de afbeelding wordt verplaatst met behulp van het rode en groene kanaal.
3D-oppervlak — behandelt de bronafbeelding alsof dit een 3D-oppervlak is waarop luminantiewaarden van pixels de hoogte bepalen.
7 Typ of stel een waarde in voor Intensiteit om de mate van verplaatsing te bepalen.
Hoe lager de waarde, hoe minder intens de wijzigingen in de afbeelding. Hoe hoger de waarde, hoe ingrijpender de vervorming.
8 Typ of stel een waarde in voor Rotatie om de rotatie van de verplaatsingsgegevens te bepalen.
9 Kies een van de volgende opties in het groepsvak Randmodus om te bepalen hoe verplaatsing buiten het bereik wordt verwerkt:
Omloop — behandelt de afbeelding als een mozaïekstukje dat in elke richting wordt herhaald.
Herhalen — herhaalt de randpixel van elke kant oneindig naar buiten.
Kleur — hiermee kunt u een kleur kiezen om pixels buiten de grenzen aan te geven. U kunt met de linkermuisknop klikken op het kleurvak om het dialoogvenster Kleur te openen of met de rechtermuisknop om het dialoogvenster Recente kleuren te openen.
Transparant — pixels buiten de grenzen worden transparant (alleen beschikbaar bij afbeeldingen met meerdere lagen).